adres
18 Jun 2010
Afstudeerproject Ellen Brinkerink

Ellen Brinkerink heeft bij ons haar afstudeerproject ontworpen en is inmiddels afgestudeerd met een 'zeer goed' beoordeling voor een schaduwontwerp van Erve Spölman te Oud Ootmarsum. Ellen, vanaf deze plek nogmaals van harte gefeliciteerd en heel veel succes en ontwerpplezier in de toekomst!


Op welke manier kan een toekomst bestendige leefomgeving, conform de wensen en eisen van de opdrachtgever, verweven worden met een Twentse boeren hoeve en haar historische kenmerken?

Interieur en architectuur zijn onlosmakend met elkaar verbonden en met hun omgeving. Want waar architectuur rijst, ontstaat ruimte. Een ruimte binnen. Een ruimte buiten. De locatie bepaald het uitzicht vanuit het interieur. De architectuur bepaald het zicht van haar omgeving. Het landschap en haar bouwkunsten hebben een relatie tot elkaar en tot haar cultuur.

In deze ontwerpopdracht komen deze elementen heel sterk naar voren. Uit mijn onderzoek blijkt dat het boerenerf, met haar authentieke Twentse kenmerken, een beeld in en van het Twentse landschap vormt. Dat de boerderij, haar bijgebouwen, erf en beplanting een relatie hebben tot het Twentse landschap, haar geschiedenis en haar bewoners. En dat de vorm, het materiaalgebruik en de positionering zijn bepaald door het boerenerf als bedrijf, het landschap waar zij in ligt en de tijd waarin zij is gebouwd.
 


In mijn onderzoek komt ook naar voren dat het boerenerf identiteit geeft aan haar bewoners en haar omgeving. Ze maakt deel uit van een stukje cultuurhistorie van Twente. Niet openbaar toegankelijk, maar als beeldend element een onderdeel van het landschap dat cultureelerfgoed is van en voor iedereen. De authentieke elementen vormen een meerwaarde voor het erf, haar gebouwen, haar bewoners en de beleving van het kenmerkende ‘typisch’ Twentse landschap. Ze geeft de bewoners van de streek een gevoel van eigenheid en laat onderscheid zien in culturele en maatschappelijke opvattingen en ideeën

Voorafgaand aan dit onderzoek was ik er al van overtuigd dat ik alle authentieke elementen zo veel mogelijk wilde behouden en in ere herstellen. Ik wist echter niet goed waarom ik dit zo belangrijk vond. Ik denk dat ik als Twentenaar vond dat ‘mijn’ Twente haar eigen identiteit en culturele verleden moet behouden. Na dit onderzoek ben ik me dit pas gaan realiseren. Nu ben ik me er van bewust dat het niet alleen gaat om esthetische, maar ook culturele en maatschappelijke elementen. Dat authentieke elementen en landschappelijke karakteristieken zorgen voor diversiteit van de leefomgeving. Ze geven uitdrukking aan wat ons bind en ons onderscheidt als individu.
 


De benoeming van Noordoost-Twente tot één van Nederlands Nationale Landschappen geeft het ook belang weer van behoud en ontwikkeling van dit gebied. Niet alleen voor haar inwoners, maar ook voor haar bezoekers, haar toeristen. Volgens de gegevens van de VVV Ootmarsum komen de meeste toeristen naar Ootmarsum voor de combinatie van cultuurhistorie en het natuurlijke imago in een afwisselend landschap dat rust en ruimte ademt. De boerderijlodges maken het mogelijk om niet alleen door het landschap heen te gaan, maar haar ook echt te beleven. Te gaan slapen en opstaan met de rust en de ruimte om je heen, op een authentiek boerenerf.

Om het Twentse landschap te waarborgen moet er met respect voor ruimte, natuur en cultuur ontwikkeld worden. De primaire verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de overheid. Met behulp van bestemmings-, structuur-, onderhouds- en beheersplannen probeert zij de juiste balans te vinden tussen het verleden en de ontwikkelingen van het heden.


De historische elementen van Erve Spölman vormen een erfenis uit een andere tijd, een andere tijdsgeest. Tijden veranderen. Samen met haar ook de manier van leven en wonen. Aangezien de boerderij, het erf en het omringende landschap een onlosmakelijk geheel vormen, heeft dit invloed op het Twentse landschapsbeeld. Ik vind het dan ook  een uitdaging, om met de (leef)wensen van onze huidige tijd deze context te betreden. Om het karakteristieke landschap te behouden, ben ik van mening dat er rekening gehouden moet worden met de invloed van het buitenaanzicht van het boerenerf. Voor de uitstraling van de boerenhoeve als geheel, zijn naast de boerderij ook de onderlinge verhoudingen van de bijgebouwen van belang. Door zoveel mogelijk van haar kenmerkende vorm, ligging, materiaal en afwerking te herstellen, kan er een verbinding gelegd worden met de oorsprong van de boerderij en het erf.

Mijn onderzoek laat zien dat het interieur van een boerderij in de afgelopen eeuw al vele veranderingen heeft ondergaan. De belangrijkste verandering ligt volgens mij in de komst van de brandmuur. Deze scheidde de mens van het vee en maakte van een woonschuur een woonhuis. Daarnaast vormen de gebinten een heel belangrijk element van de boerderij. Zij maken de constructie, de basis van de kenmerkende vorm van de boerderij. De brandmuur en gebinten zijn authentieke elementen, sporen uit een andere tijd, die het behouden waard zijn. Een stukje geschiedenis waar we van kunnen leren en ons door laten inspireren. Om deze authentieke elementen heen kent het interieur in mijn ontwerp wederom een verandering. Nieuwe inpassingen, materialen, vormen en technieken gaan een relatie aan met de oorspronkelijke boerderij. In plaats van de oude tijd weg te breken, wordt de nieuwe tijd erin verweven. Een symbiose van oud en nieuw. Passend bij de tijdsgeest en (leef)wensen van nu, maar met behoud van het authentieke.

   

 

<< Terug